Werkgevers in ABU-cao let op: gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden voor uitzendkrachten
Publicatiedatum: 21 mei 2026
Per 1 januari 2026 is de nieuwe ABU-cao voor uitzendkrachten in werking getreden. Een van de meest ingrijpende wijzigingen is de introductie van het principe van gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden. Hiermee wordt een belangrijke stap gezet richting verdere gelijktrekking van de positie van uitzendkrachten en werknemers in vaste dienst.
Wat houdt het beginsel van gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden in?
De traditionele systematiek van de inlenersbeloning gebaseerd op een beperkt aantal loonelementen is vervallen. Daarvoor in de plaats geldt dat uitzendkrachten recht hebben op een arbeidsvoorwaardenpakket dat in totale waarde minimaal gelijkwaardig is aan dat van werknemers in een vergelijkbare functie bij de inlener.
Het gaat daarbij nadrukkelijk om het totale pakket en niet om identieke onderdelen. Werkgevers en uitzendorganisaties mogen verschillen in invulling, zolang de optelsom maar gelijkwaardig is. Onder dit pakket vallen alle arbeidsvoorwaarden, zoals loon, toeslagen, verlof, vergoedingen en scholing, maar ook pensioen en zelfs de zwaar-werk regeling (RVU-drempelvrijstelling). Daarbij geldt dat pensioen als afzonderlijke arbeidsvoorwaarde moet worden beschouwd en – indien minder gunstig – moet worden gecompenseerd.
Daarnaast is per 2026 sprake van een vernieuwde pensioenregeling voor uitzendkrachten, met een hogere premie en opbouw vanaf de eerste werkdag, wat bijdraagt aan een verdere gelijkstelling met reguliere werknemers.
Waar moeten werkgevers op letten?
Voor werkgevers en inleners brengen de nieuwe regels nieuwe verplichtingen met zich mee:
- Volledig inzicht in arbeidsvoorwaarden: alle (ook secundaire) arbeidsvoorwaarden binnen de organisatie moeten in kaart worden gebracht;
- Transparantie richting uitzender: deze informatie moet tijdig en volledig worden gedeeld;
- Doorlopende actualisatie: wijzigingen in arbeidsvoorwaarden moeten direct worden doorgegeven;
- Kostenimpact: door onder meer pensioen en bredere voorwaarden kan inzet van uitzendkrachten duurder worden;
- Complexiteit van waardering: het bepalen van ‘gelijkwaardigheid’ vereist een integrale beoordeling van het totale pakket.
Er gelden duidelijke voorschriften voor de pensioenvergelijking, die verder gaat dan het simpelweg vergelijken van premiepercentages.
Relevantie voor M&A-praktijk
De nieuwe systematiek maakt arbeidsvoorwaarden van uitzendkrachten ook een expliciet aandachtspunt bij transacties. De verplichting tot gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden, inclusief pensioen, kan materiële impact hebben op kostenstructuren, compliance en risico’s binnen ondernemingen die werken met flexibele arbeid. Voor adviseurs betekent dit dat bij het due diligence nadrukkelijk moet worden getoetst:
- of de juiste arbeidsvoorwaarden zijn toegepast;
- of volledige informatie-uitwisseling met uitzendorganisaties plaatsvindt;
- en of eventuele financiële correcties (bijvoorbeeld voor pensioen) zijn verwerkt.


