TNO Expertisecentrum Zwaar Werk: nieuwe Q&A’s en eerste voortgangsrapportage
Publicatiedatum: 24 juli 2026
TNO heeft opnieuw aanvullende informatie gepubliceerd voor cao-partijen die een RVU-drempelvrijstellingsregeling voorbereiden. Op de website van haar Expertisecentrum Zwaar Werk zijn vier nieuwe vragen en antwoorden toegevoegd. Daarnaast heeft TNO de eerste voortgangsrapportage van het Expertisecentrum Zwaar Werk gepubliceerd, waarin inzicht wordt gegeven in de eerste ervaringen met het validatieloket en de opstart van het kennisprogramma.
Nieuwe handvatten
Op haar site beantwoordt het Expertisecentrum Zwaar Werk in de vorm van een Q&A een aantal praktische vragen die in de eerste maanden na de opening van het validatieloket zijn opgekomen.
Met name de uitleg over het samenstellen van functieclusters is relevant. TNO bevestigt dat bij de aanvraag meerdere vergelijkbare functies in één cluster kunnen worden opgenomen, mits sprake is van vergelijkbare risico’s, een vergelijkbare aard van de belasting of een vergelijkbare belastende werkomgeving. Daarbij moet een (objectieve) clusterbeschrijving inzicht geven in de gedeelde kenmerken van de betrokken functies. Opvallend is verder dat TNO aangeeft dat een cluster indicatief uit vijf tot tien functies bestaat, maar dat hiervan net zo goed kan worden afgeweken.
Ook over functievarianten biedt TNO meer duidelijkheid. Indien eenzelfde functie verschillend wordt ingevuld, adviseert TNO de sociale partners om uit te gaan van de zwaarste variant van de functie en te onderbouwen welke specifieke werkkenmerken aanwezig zijn. Vervolgens is het aan de werkgevers om vast te stellen welke functievariant binnen hun organisatie voorkomt.
Verder verduidelijkt TNO dat inhoudelijke en praktische vragen over een aanvraag kunnen worden voorgelegd aan het Expertisecentrum Zwaar Werk.
Tot slot licht TNO toe waarom aanvullende informatie die tijdens het validatieproces wordt opgevraagd niet automatisch onderdeel vormt van het uiteindelijke advies. Wanneer essentiële informatie ontbreekt, kan TNO verzoeken om aanvullende gegevens aan te leveren. Indien die informatie niet beschikbaar blijkt of slechts met grote inspanning kan worden verzameld, kan de validatie alsnog worden afgerond op basis van de oorspronkelijk ingediende informatie. In dat geval zal de aanvraag de status ‘niet volledig gevalideerd’ krijgen.
Eerste ervaringen validatieloket
Naast de nieuwe Q&A’s heeft TNO tevens de eerste voortgangsrapportage van het Expertisecentrum Zwaar Werk gepubliceerd. Omdat het Expertisecentrum pas op 1 april 2026 van start is gegaan, betreft het een beknopte rapportage waarin de eerste ervaringen worden beschreven.
Uit de voortgangsrapportage blijkt dat tot en met 28 april 2026 in totaal 34 vooraanmeldingen zijn ontvangen. Van deze vooraanmelders hebben negen partijen aangegeven gebruik te maken van een eigen methodiek voor het beoordelen van de functiezwaarte, zes partijen maken gebruik van de door TNO ontwikkelde methodiek en zeven partijen combineren beide methodieken. De overige vooraanmelders hadden hierover nog geen keuze gemaakt of hebben de vraag niet beantwoord. Daarnaast verwacht het merendeel van de indieners minder dan twintig functies, functiegroepen of clusters in een validatieaanvraag op te nemen.
Daarnaast zijn per 28 april drie aanvragen ingediend. Eén validatie is reeds afgerond. Volgens TNO was deze aanvraag goed onderbouwd en kon voor alle betrokken functies aannemelijk worden gemaakt dat sprake was van een gezondheidsrisico. De twee overige validaties waren ten tijde van de rapportage nog in behandeling, waarbij aanvullende informatie was opgevraagd om de validatie zorgvuldig te kunnen uitvoeren.
Kennisprogramma
De voortgangsrapportage bevat ook een eerste inkijk in het kennisprogramma van het Expertisecentrum Zwaar Werk. Daaruit blijkt dat in 2025 circa 13.800 werknemers gebruikmaakten van een RVU-regeling. Daarnaast werkt TNO aan verschillende onderzoeken naar zwaar werk en duurzame inzetbaarheid.
Aandachtspunten voor de praktijk
De recente publicaties laten zien dat de onderbouwing van functieclusters en functiezwaarte een belangrijk aandachtspunt blijft binnen het validatieproces. Cao-partijen doen er verstandig aan om hier vooraf goed over na te denken. Een zorgvuldige voorbereiding kan bijdragen aan een efficiënter validatieproces en het beperken van aanvullende informatieverzoeken.




