Proefballon pensioenakkoord

In de media is deze week te lezen dat sociale partners de contouren van een pensioenakkoord hebben vastgelegd. Er is geen formele tekst verschenen, er moet nog achterbanraadpleging plaatsvinden en ontkenningen vinden al plaats. Over een akkoord kan niet worden gesproken, maar interessant zijn de contouren wél. In deze nieuwsbrief behandelen wij kort onze afdronk van deze uit de polder ontsnapte proefballon. Werkgevers die niet bij een verplicht gesteld fonds zijn aangesloten kunnen nu al overstappen naar het nieuwe systeem. Hiermee voorkomen zij overgangsmaatregelen.

Pensioensysteem erbij

De huidige systemen blijven bestaan; er komt een nieuw pensioensysteem bij. In dit systeem wordt, op basis van leeftijd van de deelnemer en de actuele markrente, een voorwaardelijke aanspraak toegekend. Hoe hoger de leeftijd, des te minder voorwaardelijk pensioen er kan worden ingekocht. Veranderingen in de markrente zorgen voor een lagere inkoop (bij een lagere rente) of een hogere inkoop (bij een hogere rente). Is het voorwaardelijk pensioen eenmaal ingekocht dan staat de hoogte niet vast. Het langleven- en beleggingsrisico (in positieve en negatieve zin) wordt namelijk afgewenteld op de deelnemers. Deze schokken worden in 10 jaar geabsorbeerd. De bovenstaande vijf elementen (premie, leeftijd, rente, rendement en levensverwachting) maken de uitkomst onvoorspelbaar. Het nieuwe systeem is fiscaal en juridisch gezien een premie-overeenkomst. Er komen echter geen individuele potten tot stand. Het nieuwste pensioensysteem zal naar onze verwachting alleen door pensioenfondsen worden geïmplementeerd. De huidige systemen blijven bestaan, maar door de introductie van een leeftijdsonafhankelijke premie moeten bijna alle werkgevers en uitvoerders in actie komen.

Introductie leeftijdsonafhankelijke premie

De sociale partners gaan akkoord met het afschaffen van de doorsneepremie die nu geldt voor verplicht gestelde bedrijfstakpensioenfondsen. Hierdoor zullen alle werknemers die pensioen opbouwen een nadeel ondervinden. Dit nadeel is het grootst voor deelnemers die grofweg rond 45 jaar zijn. De sociale partners eisen waarborgen ten aanzien van adequate compensatie van deelnemers. Per pensioenfonds moet een transitie- en financieringsplan worden opgezet. De sociale partners vragen de regering in dat verband om de achteruitgang in fiscale ruimte voor pensioen per 1 januari 2018 ongedaan te maken. Per die datum is de pensioenrichtleeftijd gestegen naar 68. Dit zou betekenen dat deze wijziging ongedaan wordt en de fiscale ruimte voor pensioen met ongeveer 6% stijgt. De leeftijdsonafhankelijke premie moet ook gaan gelden voor huidige middelloonregelingen en premieovereenkomsten. Pensioenregelingen die uitgevoerd worden door verzekeraars en premiepensioeninstellingen moeten dus ook op de schop.

AOW

Onderdeel van het conceptakkoord is een vertraging met vier jaar van de verhoging van de AOW-leeftijd. Pas in 2025 zou de AOW-leeftijd op 67 moeten staan. Voorts willen sociale partners een onderzoek naar afschaffing van de automatische koppeling tussen de AOW-leeftijd en de stijgende resterende levensverwachting zoals nu vastgelegd in de wet.

ZZP’ers

De sociale partners willen dat ZZP’ers op basis van vrijwilligheid kunnen blijven participeren aan het tweedepijlerpensioen als ze stoppen werknemer te zijn. De sociale partners wijzen op de reeds bestaande mogelijkheid om ZZP’ers onder de verplichtstelling van een bedrijfstakpensioenfonds te laten vallen. De mogelijkheden tot verplichtstelling, negatief piepsysteem, variabele inleg en vrijstelling voor lage inkomens moeten worden onderzocht.

Commentaar KWPS

Het voorstel niet over te gaan naar individuele potten maar van de collectiviteit uit te blijven gaan past ons inziens bij het karakter van een bedrijfstakpensioenfonds. Voor de deelnemer zal het nieuwste pensioensysteem vrijwel onbegrijpelijk zijn. Zolang het pensioen hoog genoeg is hoeft dit geen bezwaar te zijn. De gemiddelde automobilist weet niet hoe een verbrandingsmotor werkt en wil dit ook niet weten.

Nu het afschaffen van de doorsneepremie en de leeftijdsonafhankelijke premie geaccepteerd lijkt te worden door sociale partners kan de nadruk komen te liggen op de veelbesproken en complexe overgangsmaatregelen. In dat verband wijzen wij erop dat een leeftijdsonafhankelijke premie nu al kan worden geïntroduceerd, als er geen sprake is van een verplichtstelling. De enige voorwaarde is dat de uitvoerder een premieovereenkomst moet kunnen uitvoeren. Dat is het geval bij verzekeringsmaatschappijen, premiepensioeninstellingen en een enkel Algemeen Pensioenfonds. 

31 mei 2018