Onder de Wet toekomst pensioenen twee keuzes? Of toch drie?

Publicatiedatum: 13 april 2026

Veel werkgevers met een verzekerde pensioenregeling, die nog niet voldoet aan de Wet toekomst pensioenen (Wtp), denken ten aanzien van de spaarpremie een eenvoudige keuze te hebben. Óf er wordt gebruik gemaakt van het overgangsrecht voor de bestaande staffels, óf alle werknemers gaan naar een vlakke spaarpremie. Maar die werkelijkheid is te simpel.

Er is namelijk een derde mogelijkheid die vaak onderbelicht blijft: het toepassen van het overgangsrecht voor bestaande staffels én tegelijkertijd huidige werknemers de mogelijkheid geven om vrijwillig over te stappen naar de vlakke premie.

Werkgevers die deze derde optie niet onderzoeken, lopen het risico dat keuzes vooral worden ingegeven door eenvoud of administratief gemak, en niet door wat daadwerkelijk passend is voor werkgever én werknemer. Daarbij spelen niet alleen juridische aspecten een rol, maar juist ook financiële effecten, communicatie‑risico’s en werknemers die later kunnen stellen dat de derde optie (beter) onderzocht had moeten worden.

Minstens zo belangrijk: dit is geen besluit dat een werkgever eenzijdig “even” neemt. Tijdige bespreking met de pensioencommissie en – waar van toepassing – de ondernemingsraad is essentieel. Niet alleen omdat dat wettelijk vereist is of kan zijn, maar vooral om verrassingen, weerstand en hersteloperaties achteraf te voorkomen.

De vraag die werkgevers (én hun pensioenadviseurs) zich moeten stellen is dus niet: ‘overgangsrecht of niet’? Maar: ‘hebben wij alle reële opties onderzocht en is dat ook aantoonbaar’?

Meer informatie en contact
Jan-Olivier Kuijkhoven
partner